Artikel gebaseerd op de Perspectieven 2026 van het CIO Office van de Deutsche Bank Groep
- Normalisatie van de Amerikaanse rentecurve zal wellicht aanhouden.
- 10-jarige Bunds en Treasuries bieden een positief reëel rendement.
- Let op de kwaliteit en omvang van emittenten in de bedrijfswereld.
Terug naar normaal, tenminste wat de rentecurves in Europa en de VS betreft. Zoals wij in onze vorige jaarlijkse vooruitblik al voorspelden, normaliseerde de rentecurve zich in 2025 in beide regio’s, met een hoger rendement op langlopende dan op kortlopende obligaties. De periode van omgekeerde rentecurves lijkt daarmee achter de rug. Wij verwachten dat die trend zich tot eind 2026 zal voortzetten, met aantrekkelijke vooruitzichten voor obligatiebeleggers.
In de eerste maand van dit jaar duwden de oplopende geopolitieke spanningen vooral de langetermijnrentes hoger: de Amerikaanse tienjaarsrente steeg met 10 basispunten en de Duitse tegenhanger met 5 basispunten. De kortere looptijden bleven vrijwel onveranderd, en na de aankondiging van een akkoord over Groenland nam de volatiliteit1 op de obligatiemarkten opnieuw af.
Beleggers opnieuw gecompenseerd voor duratierisico
Het goede nieuws voor beleggers in 2026: ze worden opnieuw gecompenseerd voor het duratierisico. Met andere woorden: hoe langer hun geld vaststaat, hoe hoger de opbrengst. Omdat particuliere beleggers zelden in korterlopende obligaties beleggen, maar veeleer in obligaties met een looptijd van vijf tot tien jaar, zijn hun rendementsvooruitzichten vandaag rooskleuriger. Een positief reëel rendement op overheidsobligaties (na inflatiecorrectie) is zowel in Europa als de VS weer mogelijk – en dat was al een hele tijd geleden. In 2026 verwachten wij dat de rentecurve aan beide zijden van de Atlantische Oceaan steil zal blijven. Tegen eind 2026 voorspellen wij een rendement van 4,15% op 10-jarige Amerikaanse Treasuries en 2,70% op Duitse Bunds met dezelfde looptijd. Voor 2-jarige overheidsobligaties verwachten wij een rendement van 3,50% in de VS en 2% in Duitsland.
Amerikaanse rentecurve
Bron: Bloomberg. Gegevens op 28 januari 2026. Rentevoeten voor Amerikaanse overheidsobligaties met verschillende looptijden (M = maand, J = jaar).
Potentiële risico’s – vooral in de VS
De potentiële risico’s op de obligatiemarkt zijn het grootst in de VS. Daar zou de aanhoudende prijsdruk er namelijk toe kunnen leiden dat de renteverlagingen door de Fed neerkomen op ‘spelen met vuur’, zeker in combinatie met eventuele fiscale stimuleringsprogramma’s. Daarbij komt nog de onzekerheid over toekomstige economische beleidsbeslissingen in de VS. In Duitsland zou de verwachte fiscale impuls als gevolg van de uitrol van het uitgaven- en investeringspakket van de federale overheid (Sondervermögen) op lange termijn ook tot inflatie kunnen leiden, vooral als de geldstromen ook gericht zijn op consumptiebevorderende uitgaven. In een omgeving van aanhoudend hoge prijzen, politieke onzekerheid en lage potentiële groei blijft volatiliteit op de obligatiemarkten een constant risico.
We geven de voorkeur aan Investment Grade
Investment Grade-obligaties (IG)2 in zowel USD als EUR worden nog steeds verhandeld tegen een spread die dicht bij het laagste niveau van de afgelopen decennia ligt, ondersteund door een sterke kapitaalinstroom en solide bedrijfsbalansen. In 2026 ligt de focus dan ook op inkomsten en niet zozeer op koersstijgingen. Het verwachte totale rendement bedraagt 4,9% in de VS en 3,1% in de eurozone. Met zulke krappe spreads is het risico op negatieve verrassingen groot. Beleggers moeten goed letten op de kwaliteit en omvang van de emittent. Bedrijven die een hoge schuldgraad hebben of actief zijn in sectoren buiten de beleggingsthema’s die onze voorkeur krijgen, lijken kwetsbaarder voor volatiliteit.
“In 2026 ligt de focus op inkomsten en niet zozeer op koersstijgingen.”
De spreads op High Yield-obligaties (HY)3 zijn ook historisch laag. Aangezien wij geen recessie verwachten, is dat niet noodzakelijk problematisch, vooral omdat de rendementen aantrekkelijk blijven. Gezien de verwachte hogere wanbetalingspercentages, blijven wij in 2026 evenwel de voorkeur geven aan IG-obligaties.
De voorwaarden en verwachtingen voor obligaties van opkomende markten zijn vergelijkbaar met die van obligaties in de VS en Europa. Door de lage spreads in combinatie met de idiosyncratische (specifieke) risico’s van sommige emittenten moet kwaliteit primeren bij beleggingen in overheids- en bedrijfsobligaties. Een mix van Aziatische bedrijfs- en overheidsobligaties kan een interessante aanvulling zijn op een goed gediversifieerde portefeuille. Net als bij obligaties in USD moet echter altijd rekening gehouden worden met valutarisico’s.
Beleggen in de obligatiemarkt?
Beleggingsproducten zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel omhoog als omlaag evolueren en de kans bestaat dat de belegger het bedrag van zijn belegging niet recupereert. Elke beleggingsbeslissing moet in overeenstemming zijn met uw Financial ID (beleggersprofiel). Meer info op deutschebank.be/financialid.
Prognoses zijn gebaseerd op veronderstellingen, schattingen, meningen en hypothetische modellen of analyses die onjuist kunnen blijken. Alleen ter illustratie. Dit artikel en de informatie die het bevat vormen geen beleggingsadvies.
Rendementen uit het verleden zijn geen betrouwbare indicator voor toekomstige rendementen.
Ontvang het belangrijkste financiële nieuws per e-mail
Nog geen cliënt? Blijf toch op de hoogte over onze beleggingsopportuniteiten en nieuwigheden binnen onze beleggingsdiensten.
U kunt op elk moment uitschrijven.
Dit zou u ook kunnen interesseren
18 december 2025
Perspectieven 2026 - Beleggen in morgen: kansen en risico’s
1 Volatiliteit verwijst naar hoeveel en hoe snel de prijs van bv. een aandeel, een obligatie, een fonds of een index verandert in de loop van de tijd.
2 'Investment Grade'-obligaties zijn obligaties van uitgevers waarvan de financiële situatie als solide wordt beschouwd. Ze hebben een rating van AAA tot BBB- bij Standard & Poor's, of een equivalente rating bij Moody's of Fitch. Hoe hoger de rating, hoe groter de kans dat de belegger op de eindvervaldag wordt terugbetaald door de uitgever (behalve bij faillissement).
3 'Non-Investment Grade'-obligaties (High Yield) zijn obligaties van uitgevers waarvan de financiële situatie als veel riskanter wordt beschouwd. Ze hebben een rating tussen BB+ en D bij Standard & Poor's, of een equivalente rating bij Moody's of Fitch. Omdat het risico op wanbetaling door High Yield-uitgevers aanzienlijk hoger is, bieden ze een potentieel hoger rendement dan 'Investment Grade'-obligaties.
4 De term "fonds" is de gebruikelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Beleggingen (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse rechtsvormen kan aannemen (bevek, GBF enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten. De fondsen zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel stijgen als dalen en mogelijk krijgen beleggers het bedrag van hun belegging niet terug.