Beleggingsproducten zijn onderhevig aan risico’s. Ze kunnen zowel omhoog als omlaag evolueren en de kans bestaat dat de belegger het bedrag van zijn belegging niet recupereert.
1. De term 'fonds' is de gebruikelijke benaming voor een Instelling voor Collectieve Beleggingen (ICB), die kan bestaan onder het statuut van een ICBE (UCITS) of een AICB (niet-UCITS), en die diverse rechtsvormen kan aannemen (bevek, GBF enz.). Een ICB kan compartimenten bevatten.
2. Een gereglementeerde spaarrekening is een spaarrekening waarop basisrente en een getrouwheidspremie worden betaald en die een voordelig fiscaal statuut geniet, aangezien op de rente geen roerende voorheffing verschuldigd is tot een jaarlijks bepaald plafond.
3. Termijnrekening: Bij een termijnrekening wordt uw spaargeld gedurende een bepaalde termijn geblokkeerd (vandaar de naam). Met andere woorden, uw geld is niet beschikbaar gedurende een bepaalde periode die u van tevoren kunt kiezen. De rentevoet die bij de opening van een termijnrekening wordt vastgesteld, blijft behouden tot de eindvervaldag. Voor termijnrekeningen bestaat er geen verplichting om een prospectus en een essentiële informatiefiche te voorzien.
4. Een aandeel is een effect dat een deel van het kapitaal van een onderneming vertegenwoordigt. De eigenaar ervan, de aandeelhouder, is dus mede-eigenaar van de onderneming.
5. Trackers, ook wel ETF's (Exchange Traded Fund) genoemd, zijn fondsen die op de beurs noteren, waardoor u ze gedurende de hele beursdag kunt kopen en verkopen, zoals beursgenoteerde effecten. Trackers streven ernaar het verloop van een vooraf bepaalde beursindex zo getrouw mogelijk na te bootsen.
6. Een obligatie is een lening uitgegeven door een nationale autoriteit of een onderneming voor een vaste looptijd. Als obligatiehouder bent u dus een schuldeiser van de uitgever van de obligatie. U heeft recht op uitbetaling van één of meerdere coupons en een terugbetaling op de eindvervaldag van het nominale bedrag van de lening. Beleggen in een obligatie brengt risico's met zich mee (zoals een risico van wanbetaling of faillissement van de uitgever, een risico van prijsschommelingen, een liquiditeitsrisico, een wisselkoersrisico en een rendementsrisico).
7. Gestructureerde financiële instrumenten, ook Structured Notes genoemd, bestaan in de vorm van ‘schuldbewijzen met totale of gedeeltelijke terugbetaling van het kapitaal’. Een gestructureerd schuldinstrument is een financieel instrument van bepaalde duur, doorgaans uitgegeven door financiële instellingen, dat een rendement biedt dat gekoppeld is aan een of meer onderliggende activa (bv. een rentevoet of beursindex) via vaste of variabele coupons die tijdens de looptijd of op de vervaldag van het effect worden uitbetaald. Voor een ‘schuldbewijs met recht op terugbetaling van het kapitaal’ verbindt de uitgever zich ertoe 100% van het ingeschreven kapitaal (na aftrek van kosten en vergoedingen die bovenop de nominale waarde worden geheven) terug te betalen op de eindvervaldag (behalve bij faillissement of risico op faillissement van de uitgever). Bij een ‘schuldbewijs met een gedeeltelijk recht op terugbetaling van het kapitaal’ daarentegen verbindt de uitgever zich er niet toe om 100% van het ingeschreven kapitaal terug te betalen op eindvervaldag. Er bestaan ook ‘schuldbewijzen zonder recht op terugbetaling van het kapitaal’.