Management Server
Téléphone

Deutsche Bank

Is de inflatie definitief terug?

L’inflation est-elle définitivement de retour?


Begin dit jaar doorbrak de evolutie van de huishoudkorfprijs in de eurozone de symbolische kaap van de 2%, waarmee het hoogste niveau in 4 jaar werd bereikt. Dezelfde vaststelling aan de andere kant van de oceaan, waar de Amerikaanse inflatie het hoogste niveau sinds bijna 5 jaar laat optekenen. Betekent dit dat de grote centrale banken erin geslaagd zijn om de groei en de inflatie aan te zwengelen? Laat ons niet te vroeg victorie kraaien.

De aantrekkende inflatie in de eurozone lijkt erop te wijzen dat het stimulerende beleid van de Europese Centrale Bank (ECB) functioneert en dat de Europese economie de goede kant uitgaat. Bij nader inzien stellen we echter vast dat de stijging van de grondstoffenprijzen voor een groot deel verantwoordelijk is voor deze evolutie. Begin 2016 was de prijs van een vat Brentolie gedaald tot 37$, maar in mei 2017 was de koers gestegen tot 55$. Dit had een belangrijke weerslag op de inflatie in de eurozone als netto invoerder van aardolie. Bovendien duwde het ongunstige weer de prijs van bepaalde voedingsmiddelen omhoog. De kerninflatie bedroeg “slechts” 1.2% in april.

Wist u dat?

Inflatie is de algemene prijsstijging van goederen en diensten, en leidt tot geldontwaarding: met eenzelfde hoeveelheid geld kunt u minder kopen dan een jaar eerder. Toch streven centrale banken een lichte vorm van inflatie na omdat de economie daar wel bij vaart. Immers, als de prijzen altijd lichtjes stijgen, is er geen enkele reden om grote aankopen uit te stellen.

Mocht daarentegen een economie ten prooi vallen aan deflatie, dit is een aanhoudende daling van de prijzen, dan stellen consumenten en bedrijven hun uitgaven en investeringen uit. Ook te hoge inflatie is nefast: dat brengt onzekerheid mee omdat het onmogelijk is te voorspellen hoe duur toekomstige aankopen zullen zijn.

Men spreekt van reflatie bij een herstel van de inflatie na een periode van deflatie. Deze heropleving van de inflatie (en de economische activiteit) wordt veroorzaakt door de implementatie van een expansief monetair en budgettair beleid.

Waarom is het voor de ECB belangrijk om te streven naar een inflatie licht onder de 2%?

De hoofdopdracht van de ECB is het bewaken van de prijsstabiliteit in de eurozone. Door te mikken op 2% laat de ECB zichzelf de nodige armslag om deflatie, die consumptie en investeringen sterk doet dalen, te bestrijden. Tegelijk erodeert hiermee ook het gewicht van de schuld. De ECB is dus van mening dat een prijsstijging van 2% een goed compromis is, en toelaat dat de groei van de eurozone in een positieve omgeving evolueert.

Waarop baseert de ECB haar toekomstige beleid?

Ondanks de opvering van de inflatie sinds begin dit jaar, denken wij niet dat de eurozone terechtgekomen is in een fase van duurzame reflatie. De kerninflatie blijft nog te zwak en ook de komende maanden zal er een onevenwicht blijven tussen vraag en aanbod van aardolie. Dit zal een verdere stijging van de olieprijs afremmen, en laat die nu net de belangrijkste katalysator zijn van de inflatie sinds begin dit jaar.

Toch laten de economische indicatoren in de eurozone sinds enkele maanden een verbetering optekenen. Deze wijzen op een aantrekkende groei, die de inflatie zal ondersteunen. Hoe dan ook blijft de ECB voorzichtig en wacht ze op de bevestiging dat de inflatie goed en wel in de lift zit, ondersteund door een stijging van de lonen in de eurozone, wat tot nu toe niet het geval is.

Wat is de impact van een stijgende inflatie voor de beleggers?

Analisten verwachten dat het einde in zicht is voor het opkoopprogramma van effecten door de ECB – ook wel Quantitative Easing of kwantitatieve versoepeling genoemd – wat een minder stimulerend monetair beleid zou betekenen. Het vooruitzicht hierop zorgde onlangs voor een stijging van de obligatierente, waardoor de euro zich versterkte tegenover de Amerikaanse dollar. Maar op langere termijn zouden de hogere rentevoeten in de Verenigde Staten kapitaal blijven aantrekken, en zou de dollar zijn koersstijging hernemen. Voor de aandelenmarkten zou de terugkerende inflatie – op voorwaarde dat ze wordt ondersteund door loonstijgingen – gunstig zijn voor de bedrijven en dus voor de beurswaarderingen. Voor de obligatiemarkten zal het vooruitzicht van hogere rentevoeten blijven zorgen voor een uitstroom uit staatsleningen en daarmee wegen op de gehele activaklasse in euro.

Het ziet ernaar uit dat de inflatie goed en wel op de sporen staat. Toch zal de ECB niet overhaast te werk gaan en afwachten tot ze ervan overtuigd is dat de Europese economie geen steun meer nodig heeft en dat de inflatie zich definitief gestabiliseerd heeft rond 2%.



Lees ook