Management Server
Téléphone

Deutsche Bank

Samengevat

  • De grote Amerikaanse indexen kregen forse klappen door de toegenomen vrees voor een snelle stijging van de inflatie.
  • Vanuit de Verenigde Staten deinde de schok uit naar de rest van de wereld en de beleggers zagen hierin het einde van het ‘makkelijke’ geld.
  • Als de volatiliteit dit jaar aanhoudt, zullen goede economische fundamentals op de balans wegen en de markten ondersteunen.

Voor een keer was het goed nieuws dat de wereldwijde beurzen uit hun licht euforische stemming haalde. Uit vrees voor een sneller dan verwachte stijging van de inflatie in de Verenigde Staten verloor Wall Street maar liefst 10% alvorens zich te herpakken. Waarom zorgden goede economische statistieken, die doorgaans positief zijn voor de beurzen, deze keer voor een opstoot van volatiliteit?

Een bewogen begin voor Jerome Powell

Jerome Powell had zich zijn eerste werkdag aan het hoofd van de Fed (maandag 5 februari) wellicht anders voorgesteld. Kort daarvoor hadden de grote Amerikaanse indexen forse klappen gekregen door de toegenomen vrees voor een snelle stijging van de inflatie. De correctie begon op het moment dat 2 statistieken over de werkgelegenheid in de Verenigde Staten bekendgemaakt werden. Naast de sterker dan voorziene banencreatie (200.000 voor januari tegenover 175.000 verwacht) was er ook de forse stijging van het gemiddelde uurloon (2,9% tegenover 2,6% verwacht). Vanuit economisch oogpunt zijn deze cijfers misschien positief, maar ze versterkten de vrees voor een inflatieopstoot en dus een snellere monetaire verstrakking (verhoging van de beleidsrente).

Zodoende zou de Fed de toegang tot goedkoop geld bemoeilijken met de bedoeling een eventuele oververhitting van de economie en dus inflatie af te wenden. Vanuit de Verenigde Staten deinde de schok uit naar de rest van de wereld en de beleggers zagen hierin het einde van het ‘makkelijke’ geld (het einde van de lage rente en de vlotte toegang tot liquiditeiten). Uiteindelijk bleef geen enkele regio gespaard en kregen de rode cijfers alle aandelenbeurzen van de planeet in hun greep. In mindere mate ontstond ook op de obligatiemarkten opschudding en de verwachte stijging van de inflatie zorgde voor koersschommelingen in deze activaklasse. In de ontwikkelde landen werden de Amerikaanse Treasury Bonds het zwaarst getroffen. De groeimarkten en het High Yield segment ondergingen eveneens kapitaaluitstromen.

Voorkeur voor de Europese beurzen

Na maanden van euforie op de beurs wisten op het eerste gezicht onschuldige economische statistieken de wereldwijde beurzen onderuit te halen. Er kunnen nog correcties volgen, maar de goede economische gezondheid zou uiteindelijk toch moeten doorwegen in de balans en de markten ondersteunen. De bedrijfsresultaten waren in hun geheel beter dan verwacht in de Verenigde Staten. Bovendien zouden de belastinghervorming en de grote infrastructuurprojecten moeten bijdragen tot een versnelling van de Amerikaanse groei. Tegelijk denken wij niet dat de inflatie dermate zal aantrekken dat ze op korte termijn gevaar oplevert voor de economie.

Toch doen de hoge waarderingen van de Amerikaanse beurzen ons de voorkeur geven aan de Europese beurzen. In Europa waren de laatste bedrijfsresultaten relatief verdeeld. Uit de macro-economische statistieken blijkt evenwel dat de Europese economie de goede kant blijft opgaan, wat in het voordeel zou moeten spelen van de Europese bedrijven.

Wij zijn ook optimistisch voor de groeimarkten, met Azië op kop, waar de fundamentals solide zijn en zich optrekken aan de sterke wereldwijde groei en een gunstig fiscaal beleid.

Fed: 3 of 4 rentestijgingen in 2018?

Tijdens zijn eerste toespraak voor het Congres toonde de nieuwe Fed-voorzitter zich optimistisch omtrent de gezondheid van de Amerikaanse economie. Jerome Powell verwelkomde de krachtige groei en de terugkeer van de inflatie tot in de buurt van, maar nog steeds onder, de doelstelling van de Fed (2%) en herhaalde het plan van de Fed om de beleidsrente trapsgewijs te verhogen. De beleggers hadden dit echter niet zo begrepen en zagen hierin een voornemen van de Fed om haar kalender van renteverhogingen versneld uit te voeren. A priori is de kans groot dat er dit jaar 3 renteverhogingen komen door de Fed (ons scenario), maar bepaalde beleggers hebben het ondertussen over een 4de verhoging.

Deze veronderstelling dreef de Amerikaanse obligatierente de hoogte in en de rente op 10 jaar nadert ondertussen de symbolische 3%-drempel. De ECB van haar kant zal op korte termijn gas moeten terugnemen nadat de inflatie opnieuw onder de 1,2% terugviel. In deze context biedt het obligatiesegment weinig opportuniteiten, met uitzondering van de Amerikaanse bedrijfsobligaties met een goede kredietkwaliteit en obligaties van groeilanden.

Lees ook